Binnen tuinieren is leuk, handig én gezond: je hoeft de deur niet uit, geniet het hele jaar van verse groenten en kruiden, en leeft altijd in een gezonde, groene omgeving. Hoe je zelf aan de slag gaat. Wij geven 8 tips!

1. Water geven

Binnen is de kraan natuurlijk de dichtstbijzijnde waterbron. Toch is het beter om je planten niet te gieten met koud kraanwater. De wortels van de plant kunnen hierdoor in shock raken en moeten opnieuw opwarmen; en dat kost de planten onnodig veel energie. Het is beter om water uit de kraan eerst op kamertemperatuur te laten komen voor je het aan de planten geeft. Je kunt ook regenwater gebruiken, maar laat ook dat eerst op kamertemperatuur komen.

2. Geef planten genoeg ruimte in huis

Binnen is de ruimte vaak wat beperkter dan buiten. Maar planten hebben nu eenmaal ruimte nodig om te kunnen groeien. Zoek daarom van tevoren op hoe groot een plant ongeveer wordt. Begin met slechts een paar planten, zodat je zeker weet dat ze voldoende ruimte hebben.

3. Houd de ruimte schoon en opgeruimd

Een rommelige en vieze omgeving werkt niet fijn en kan er zelfs voor zorgen dat planten ten prooi vallen aan ziektes of plagen. Ruim plantenresten direct op en geef de planten water bij de wortels, zodat de omgeving droog blijft. Dit is vooral belangrijk als je tuiniert in een kweekkasje: in een kleine warme omgeving kunnen deze planten- en waterresten voor schimmels en ziekten zorgen.

4. Binnen tuinieren; zorg voor voldoende licht

Zonlicht is een van de belangrijkste energiebronnen van planten. Door middel van fotosynthese zetten planten het zonlicht om in onder meer suikers, waardoor ze kunnen groeien en bloeien. In het voorjaar en de zomer is er voldoende natuurlijk zonlicht en doen je planten het goed in de vensterbank. Wil je in de herfst of winter binnenshuis planten opkweken, dan zul je met kunstlicht moeten werken.

5. Behoud de juiste temperatuur

Zonlicht geeft ook warmte. Een temperatuur van rond de 20 graden is voor veel planten genoeg om goed te kunnen groeien. Maar dit is natuurlijk ook afhankelijk van de planten die je hebt. Tropische planten kiemen bijvoorbeeld pas bij een temperatuur van rond de 22 graden en sla bij een temperatuur van 18 graden. Wanneer het te warm wordt, zorg je voor ventilatie, dimbare of minder sterke verlichting.

6. Controleer je planten

Houd de conditie van de planten in de gaten. Vaak zie je dat de onderste gedeelten van planten het minder goed doen dan de bovenste. Dit komt vooral doordat hier minder licht bij komt. Het is beter om deze lelijke stengels weg te snoeien, anders kost het de plant onnodig veel energie.

7. Tuinier veilig in huis

Wanneer je gebruik maakt van kunstmatige licht- en warmtebronnen en een sproei-installatie is het belangrijk dit altijd te controleren op veiligheid. Als je een sproei-installatie hebt die onder druk staat, laat deze dan niet onbeheerd achter omdat de kans bestaat dat de leidingen barsten.

8. Leer over planten en apparatuur

Probeer kennis op te doen over de planten en eventuele apparatuur/gereedschappen die je gebruikt. Leer wat verschillende voedingsstoffen met planten doen. En welke potten of bakken geschikt zijn om jouw planten in te kweken. Haal deze informatie uit tijdschriften, boeken en van internet. Wanneer je snapt wat planten nodig hebben en waarvoor, kun je de plant beter en sneller van de juiste omstandigheden en voedingsstoffen voorzien, ook binnen in jouw huis!

 

Inloggen

Bekijk uw order of wijzig uw gegevens.